Byzantijnse muziek

Voornamelijk bedoeld voor de Byzantijnse eredienst en het meest door monniken geschreven. Van de profane muziek uit het Byzantijnse Rijk is slechts weinig bewaard gebleven.

In het jaar 988 sloot Grootvorst Vladimir zijn Westoekraïense kerk aan bij de kerk van Rome. Hij erkende het pauselijk gezag, maar behield zijn eigen taal, liturgie en muziek. Het kerkelijk middelpunt van het Byzantijnse Rijk was Constantinopel (nu Istanboel). Na de val van Constantinopel (1453) werden uitheemse invloeden sterker. Waar eerder de muziek éénstemmig werd gezongen, ging deze langzaam over in meerstemmige muziek.

In het jaar 1988 werd in Zwolle het 1000-jarig bestaan gevierd van de Russisch-Orthodoxe kerk. Dit gebeurde onder de bezielende leiding van Michael Minsky, ooit als zanger verbonden aan het wereldberoemde Don-Kozakkenkoor van Serge Jarof.
De huidige Byzantijnse koren zingen voornamelijk liederen uit de Russisch-Orthodoxe kerk.

Eén van de belangrijkste componisten, waarvan er heden ten dage door koren veel muziek wordt uitgevoerd, is Dimitri Sergejevits Bortnjanski (1752-1825). Hij was als hofcomponist verbonden aan diverse koren. Deze koren werden gevormd door de beste zangers uit Rusland en bedoeld om te zingen in de eigen kerk van Tsaren, Grootvorsten en andere adellijke personen.

De Byzantijnse muziek kenmerkt zich door emotie, gebed en diepgang.
Het zingen van deze muziek is ook voor de zangers een opperste beleving.

Bron: historisch deel Winkler Prins Encyclopedie

Russisch Orthodoxe Kapel Weimar